Nascheiden afval geeft verkeerd signaal af

Blog Gied van Hoorn

18 juli 2019 Laatst stuitte ik op een interessant artikel met de kop: ‘Lappendeken aan regels kenmerkt afvalscheiding’ (Het Financieele Dagblad, 16 juni). Uit het stuk valt op te maken dat het scheiden van afval en recyclen steeds vaker op de (politieke) agenda van gemeenten staan, en dat die zelf hun afvalbeleid mogen bepalen. De regels, tarieven en systemen zijn dan ook niet uniform, wat leidt tot onduidelijkheid.

Zo passen sommige gemeenten het zogeheten ‘omgekeerd inzamelen’ toe. Daarbij wordt gescheiden afval in plaats van restafval bij de bewoners opgehaald. In andere gemeenten geldt het ‘diftar’ systeem, dat staat voor een gedifferentieerd tarief. Een variant van ‘omgekeerd inzamelen’, waarbij bewoners extra moeten betalen voor het weggooien van restafval, bovenop de afvalstoffenheffing. Dat betalen kan per kilo, per zak of per lediging zijn. Weer andere gemeenten zetten in op zogenaamde ‘nascheiding’. Ofwel na inzameling pas afvalsoorten van elkaar scheiden, dus niet vooraf door burgers zelf.

De journalist van dienst, Caitlin Stooker, laat ook de directeur van het AFV (Afvalfonds Verpakkingen), Cees de Mol van Otterloo, aan het woord. Die zegt te verwachten dat nascheiding van huishoudelijk afval op den duur het dominante systeem zal worden. Omdat het efficiënter, goedkoper is en even goed werkt als een systeem van omgekeerd inzamelen.

Ik zet daar mijn vraagtekens bij, want De Mol van Otterloo lijkt eraan voorbij te gaan dat huishoudelijk afval niet de enige afvalstroom is die afkomstig is van huishoudens. Die danken namelijk jaarlijks ook enorme hoeveelheden elektronische en elektrische apparatuur, energiezuinige verlichting en armaturen (e-waste) af. Die afvalstroom hoort niet thuis in het huishoudelijk afval, maar moet gescheiden worden ingeleverd, bijv. in de inzamelbakken in supermarkten, doe-het-zelfmarkten en elektronicawinkels.

Ik zou daarom juist willen pleiten voor een nationaal, eenduidig diftar-systeem. Niet alleen omdat aangetoond is dat het werkt, maar ook omdat een extra stimulans vormt voor burgers om zoveel mogelijk afval gescheiden in te leveren, óók e-waste en verlichting. Door in te zetten op nascheiding geef je het verkeerde signaal af. En ik voorzie dat veel consumenten dan denken: ‘ik gooi die spaarlamp bij het restafval, die vissen ze er straks wel weer uit’.

Vandaar dat ik zeg: zorg voor een goed werkend, laagdrempelig en fijnmazig inzamelsysteem voor alle soorten afval. Maar blijf wel de verantwoordelijkheid leggen waar hij hoort: bij de burger zelf.

Lees hier het artikel uit het Financieel Dagblad

Gied van Hoorn      Gied van Hoorn
Directeur Stichting LightRec 

LinkedIn  Twitter 



terug naar overzicht