Standpunten


Spaar- en ledlampen, het inzamelsysteem en de financiering daarvan zijn regelmatig onderwerp van publieke discussie. LightRec neemt ten aanzien van een aantal issues een helder standpunt in.


Energiezuinige lampen in plaats van gloeilampen is pure milieuwinst

Gloeilampen zijn echte energievreters. Een gloeilamp zet maar 15% van het energieverbruik om in licht. Dat wil zeggen dat 85% van de energie (nutteloze) warmte is. Om die reden heeft Europa besloten de gloeilamp uit te faseren. LightRec juicht dit Europese beleid toe. 

De meest energieverslindende gloeilampen zijn al na 1 september 2009 uit de winkels verdwenen. Met enkele tussenstappen zullen importeurs en producten al per 1 september 2012 in heel Europa geen enkele gloeilamp meer verkopen. En dat is een goede zaak, want energiezuinige lampen bieden drie voordelen. Op de eerste plaats dragen ze bij aan een beter milieu: een spaarlamp veroorzaakt tot wel 75-80% minder CO2-uitstoot, terwijl ook de uitstoot van andere belastende stoffen vermindert. Het tweede voordeel is dat energiezuinige lampen - mits gescheiden ingezameld - voor meer dan 90% te recyclen zijn. Daar bovenop zijn energiezuinige lampen kostenbesparend voor de consument. Ondanks de hogere aanschafprijs leveren ze doorgaans al na het eerste jaar van gebruik al een financiële besparing op.

Spaarlampen zijn niet slecht voor het milieu

Anders dan gloeilampen bevatten spaarlampen een kleine hoeveelheid (veilig gebonden) kwik. Ledlampen bevatten ook een minieme hoeveelheid schadelijke stoffen, die niet in het milieu terecht moeten komen. Door energiezuinige lampen als Klein Chemisch Afval (KCA) te behandelen (net als batterijen) kan milieuschade eenvoudig worden vermeden. En zelfs als kapotte spaar- of ledlampen onverhoopt in het huisvuil verdwijnen, bieden ze nog steeds milieuwinst. 

Kwik kan tijdens het recyclingproces prima worden opgevangen. Ruim 90% van de overige materialen van een spaarlamp kunnen worden hergebruikt. Kortom: door afgedankte energiezuinige lampen gescheiden in te zamelen en professioneel te recyclen vergroot de gebruiker de milieuwinst en vormt het kwik geen belasting voor het milieu. Zelfs als kapotte spaar- of ledlampen onverhoopt in het huisvuil verdwijnen, bieden ze nog steeds milieuwinst. De kleine hoeveelheid kwik die vrijkomt in de lucht is nog altijd minder dan de hoeveelheid kwik die vrijkomt bij de opwekking van de extra energie die nodig zou zijn geweest om een gloeilamp te laten branden. Blijft staan dat hergebruik van de grondstoffen door recycling én het afvangen van het kwik de milieuwinst van spaarlampen optimaliseert. En dat is in het belang van zowel consumenten als producenten.


Ledproducenten en –importeurs dragen bij aan de inzameling

Tot 2010 droegen ledproducenten en –importeurs niet bij aan de kosten van het inzamelsysteem. Met ingang van 2011 is dat wel het geval. 

Dit is deels het geval omdat de Europese wetgeving ertoe verplicht ook ledlampen gescheiden in te zamelen, deels omdat de toenemende populariteit van deze lampen daartoe noodzaakt. De producenten en importeurs die verbonden zijn aan LightRec zijn inmiddels al over deze maatregel geïnformeerd. Daarnaast is LightRec sinds begin dit jaar actief op zoek naar niet-geregistreerde partijen om ook deze over hun wettelijke verplichtingen te informeren.


Een zichtbare verwijderingsbijdrage blijft essentieel

Inzameling en recycling van afgedankte lampen kost geld; de kosten die gemaakt worden zijn veel hoger dan de opbrengsten van de gerecyclede materialen. Daarom werd op elke in Nederland verkochte spaar- of ledlamp een zichtbare recyclingbijdrage (verwijderingsbijdrage) geheven. Sinds 13 februari 2011 mag deze echter niet meer in deze vorm worden geïnd. 

LightRec pleit ervoor om de zichtbare verwijderingsbijdrage te handhaven, zodat de consument weet dat er in het aankoopbedrag een kleine bijdrage besloten zit om de inzameling en recycling mogelijk te maken. Een systeem met een zichtbare verwijderingsbijdrage is bovendien goedkoop en efficiënt. De bijdrage wordt in de keten niet verhoogd met marges zodat de kosten voor de consument niet nodeloos stijgen. Zonder zichtbare verwijderingsbijdrage doen producenten het minimum; mét kan er gedaan worden wat nodig is, zoals het financieren van campagnes om consumenten te bewegen op de juiste manier in te leveren.

Daar komt bij dat bij de start van LightRec er in Nederland al 250 miljoen spaarlampen en tl-buizen in omloop waren. Deze lampen moeten grotendeels nog worden verwerkt, hoewel er nooit een verwijderingsbijdrage voor is betaald. LightRec moet daarom een ‘spaarpotje’ hebben om ook die lampen te kunnen inzamelen en recyclen. LightRec is namelijk verplicht alle aangeboden lampen in te nemen: in die zin is er geen sprake van vermogen, maar van een verplichting. De reserve voor de historische voorraad is nog altijd lager dan de geschatte kosten voor het opruimen van de lampen en armaturen van de historische voorraad.  Bovendien dient er een ‘spaarpot’ te worden gevormd voor de lampen en armaturen die na de invoering van de regelgeving op 13 augustus 2005 op de markt zijn gebracht en die in de komende 10-15 jaar als afval weer terug zullen komen. 

De WEEE Directive moet worden herzien, maar wel met haalbare doelstellingen

De huidige Europese regelgeving over de inzameling en verwijdering van elektr(on)ische apparatuur ligt vast in de WEEE Directive. Ook al is deze regeling nog niet zo oud, toch heeft de Europese Commissie inmiddels voorstellen gedaan tot herziening omdat bij de uitvoering een aantal praktische problemen aan het licht kwamen. LightRec juicht de meeste van deze voorstellen toe, maar plaatst ook kanttekeningen. 

De huidige WEEE regeling werkt inderdaad niet altijd optimaal. Zo is er op basis van de huidige definities veel onduidelijkheid over wie nu precies verantwoordelijk is voor de inname en recycling van producten die land A produceert, land B importeert en land C factureert. Herziening moet ook voorkomen dat afgedankte producten in derdewereldlanden terecht komen, waar vaak geen mens- en milieuvriendelijke en vooral geen efficiënte recycling plaatsvindt. Tegelijkertijd wil de Europese Commissie een aantal doelstellingen in de regeling opnemen die niet realistisch zijn. Bijvoorbeeld de inzameldoelstelling van 65% van het gewicht van de lampen die gemiddeld in de voorgaande twee jaar op de markt zijn gebracht. Dit is een onhaalbare verplichting in een sterk groeiende markt, aangezien gebruikers lampen die nu op de markt komen pas over gemiddeld 6 tot 8 jaar (in het geval van spaarlampen) of misschien wel 20 tot 25 jaar (in het geval van ledlampen) af zullen danken. Daarnaast kunnen de producenten consumenten niet dwingen hun producten weer in te leveren. Dat laat onverlet dat LightRec alles op alles zet om een zo efficiënt en effectief mogelijk inzamelsysteem op te zetten, dat het voor consumenten gemakkelijk maakt om hun oude energiezuinige lampen in te leveren.


Individuele inzameling is geen reële optie

De Europese regelgeving heeft producenten van spaarlampen individueel verantwoordelijk gemaakt voor de recycling van energiezuinige lampen. Dat betekent dat zij er een groot belang bij hebben dat het systeem van inzameling en recycling zo goed mogelijk functioneert, zowel in termen van efficiency als van kosteneffectiviteit. In de ogen van LightRec is dat feitelijk alleen te realiseren door een collectieve aanpak. Geen enkele producent kan namelijk in zo'n enorme markt individueel voor de inzameling en recycling van de eigen producten instaan. 

Dat hangt mede samen met het feit dat deze verantwoordelijkheid niet kan worden ingevuld zonder de medewerking van andere spelers in de keten: retailers, gemeenten, verwerkers en bovenal de consument zelf. LightRec ziet individuele producentenverantwoordelijkheid dan ook vooral als een sturende verantwoordelijkheid, die vorm moet krijgen in samenwerking met de overheid en de consument. Daarbij biedt een collectief systeem allerlei voordelen, al was het maar omdat dit leidt tot meer duidelijkheid voor de consument, als er maar één loket voor inzameling is.


Kwik in spaarlampen is geen bedreiging voor volksgezondheid

Onderzoek van TNO heeft uitgewezen dat de kleine hoeveelheid kwik die vrijkomt als een spaarlamp breekt, geen risico's geeft voor de gezondheid. 

Het risico voor de gezondheid is vergelijkbaar met het lakken van een kozijn of het afwassen van oud schilderwerk met ammonia. LightRec adviseert consumenten in geval van breuk de ruimte te luchten. De restanten kunnen het beste worden opgeveegd  met een stoffer en blik, dus niet met een stofzuiger, en dan in de vuilnisbak worden gegooid.

Statiegeld op lampen

Als het beter is voor het milieu om een spaar- of ledlamp in te leveren, waarom zit er dan geen statiegeld op deze lampen? Deze vraag wordt LightRec regelmatig gesteld. Zo eenvoudig is het echter niet. Statiegeld is een duidelijke incentive voor consumenten om spaarlampen in te leveren. Om een dergelijke regeling in te voeren is echter veel geld nodig. Immers, voor spaarlampen die nu in gebruik zijn, is nog geen statiegeld betaald. Voer je een statiegeldregeling in, dan zal nog steeds voor de inzameling en het recyclen van deze lampen extra geld moeten worden betaald.

Een statiegeldsysteem voor lampen zal alleen effectief zijn, als dit voor alle Europese landen geldt. Anders is het scenario niet ondenkbaar dat Nederland gaat betalen voor kapotte lampen uit het buitenland. Daarnaast is nog niet bewezen dat een statiegeldregeling daadwerkelijk effectief is. In Oostenrijk wordt al langere tijd statiegeld geheven over lampen, maar hier zijn de inzamelresultaten niet positiever dan in landen zonder statiegeldsysteem.

Een statiegeldsysteem vraagt daarnaast een grote administratieve inspanning. De detailhandel verzet zich om die reden hevig tegen statiegeld. Flessen en PET-flesjes en zijn emballagemateriaal en eigendom van de producenten. Zij betalen dan ook voor het huidige statiegeldsysteem. Bij lampen ligt dit juridisch anders. De detaillist zou bij een statiegeldsysteem voor lampen statiegeld moeten afdragen en uitkeren, maar krijgt daar niets voor terug. Als hij daarvoor betaald wil worden, zullen deze kosten moeten worden opgebracht door de keten. Kosten, die uiteindelijk voor de rekening komen van de consument.

Om ervoor te zorgen dat consumenten hun oude lampen en armaturen gescheiden inzamelen is een gedragsverandering nodig. LightRec zet zich samen met uitvoeringspartner Wecycle dan ook fors in om het consumentenbewustzijn op dit vlak te vergroten, onder meer door gerichte consumentencampagnes te voeren.


Verticale afbeelding

Spacer